Wat de pole position is in de Formule 1, dat is de holeshot, of kopstart, in de motorcross. De crosser die als een raket start en als eerste de witte holeshot-lijn, meestal in of na de eerste bocht, passeert, pakt de kopstart. In de meeste klassen staat hier ook een bonus of trofee tegenover.
01
Arm pump
Arm pump, of zoals de Nederlanders het noemen: harde armen, is een veelvoorkomend gevoel bij crossers wanneer het seizoen net is begonnen. De armen zijn dan nog niet gewend aan de wedstrijdspanning en worden soms krampachtig gebruikt, waardoor het bloed niet goed doorloopt en je dus harde spieren krijgt in je onderarmen.
02
Block pass
Een inhaalactie waarbij de waaghals die inhaalt zijn tegenstander net een beetje afsnijdt, zodat deze van zijn gas af moet en uit zijn ritme raakt. Zo weet je dus zeker dat je er écht voorbij bent.
Block passes gaan ook nog wel eens mis en dan eindigt het vaak slecht voor degene die ingehaald wordt. Wanneer deze van de baan wordt gereden wordt dat een take-out genoemd.
03
Braaap
Een term die regelmatig voorbij komt wanneer iemand volle bak gaat. Geïnspireerd door het geluid dat een crossmotor maakt: Brrrraaaaaaaaaap!
Meer weten over Motocross? Check dan deze video:
26 min
ABC of... Motocross
Take an action-filled ride around the world's gnarliest tracks for a look at all things motocross.
04
Gatedop
In motocross start je vanaf één lijn. De rijder die de beste tijd in de kwalificatie rijdt, mag als eerste een starthekje zoeken, ook wel een plekje aan de ‘gate’. Als het starthek valt, dan mag iedereen op hetzelfde moment het gas open draaien en richting de eerste bocht. ‘Lights out and away we go”, heet in motocross daarom “Gatedrop”.
05
Goggle lane
Pitstops zijn er nauwelijks in de motorcross, tenzij je echt goed hard crasht en dus je motor moet repareren. Je kan wel naar binnen door de zogenoemde ‘Goggle lane’ om een nieuwe bril te halen, wanneer je oude vol met modder zit en je door je tear-offs heen bent. Dit gebeurt vaak op natte banen of als iemand zijn bril verliest. Een wedstrijd waarbij dit heel veel gebeurde was de Motocross of Nations van 2018 in het Amerikaanse Red Bud. Als dit aan het einde van een race gebeurt, rijden rijders vaak de wedstrijd uit zonder bril, want dan is de kans dat je de verloren tijd goedmaakt niet zo groot meer.
Jeffrey Herlings tijdens FIM MXGP Motocross World Championship in Mantova
© Samo Vidic / Red Bull Content Pool
06
Holeshot
Wat de pole position is in de Formule 1, dat is de holeshot, of kopstart, in de motorcross. De crosser die als een raket start en als eerste de witte holeshot-lijn, meestal in of na de eerste bocht, passeert, pakt de kopstart. In de meeste klassen staat hier ook een bonus of trofee tegenover.
Natuurlijk is er ook een pole in de motocross, waarmee je als eerste een starthekje uit mag zoeken en dus de beste of kortste lijn richting de eerste bocht kan kiezen. Maar omdat iedereen op een rij start, is dit minder belangrijk dan in andere sporten.
07
Knippen en sporen
Hoe langer een baan zonder afvlakken wordt gebruikt, hoe dieper de sporen (of in het Engels: ruts) en hoe zwaarder de baan wordt. Soms worden de sporen wel meer dan een halve meter diep!
Knippen is hier niet het te lijf gaan van iemands kapsel met een schaar of het afvlakken van de baan, maar dat zijn de hobbels die voor bochten ontstaan door het remmen, ook wel brake bumps genoemd. Ze ontstaan ook wel eens bij het accelereren uit een bocht.
08
Open!
Als iemand heel hard rijdt, volgas gaat. Heeft hij hem helemaal open (de gashendel dus).
09
Roost
Meestal de oorzaak dat je naar de goggle lane moet: roost van iemand anders die voor jou rijdt. Roost is eigenlijk de Engelstalige verzamelnaam voor alle troep die van het achterwiel afkomt wanneer je gas geeft. Wanneer dit op de persoon achter je land zit zijn of haar bril gelijk vol.
10
Scoop tyres of “Schoepenbanden”
In motorcross zijn er geen hele grote verschillen tussen de banden die vaak worden gebruikt. Iedere rijder heeft zijn eigen leverancier en daar zitten dan minimale verschillen tussen. Er is één uitzondering: de schoepenband. Dit is een band die extra veel zand schept en vooral in het zand of bij heel slecht weer wordt gebruikt. Sinds 2021 wordt hij ook door veel rijders gebruikt voor extra tractie bij de start. Inhalen is steeds lastiger geworden en de start dus steeds belangrijker. Zo wordt hij dus regelmatig als geheim wapen ingezet.
11
Scrubben
Opnieuw een schoonheidsterm die eigenlijk niet in de motorcross thuishoort. Het gaat hier dan ook niet om het nabehandelen van de huid na het douchen of een bezoekje aan de sauna, maar om de manier waarop crossers zo laag en snel mogelijk over een sprongheuvel gaan. Het platleggen van de motor is hierbij de sleutel.
Coureurs willen niet altijd de lucht in met de motor. Vaak is laag blijven een sneller manier om een heuvel over te gaan. Scrubben is ook wel een beetje een statusdingetje onder de coureurs en als er een fotograaf binnen het zicht staat tijdens een van de trainingen, willen ze nog wel eens een extra risicootje nemen voor een vette plaat.
12
Whip
Vergelijkbaar met scrubben want: ook weer goed voor de plaatjes. Een whip is wanneer een crosser de achterkant van zijn motor naar buiten gooit over een bult, in plaats van recht te springen. Hiervoor rijdt een crosser al een beetje schuin richting een bult om vervolgens de motor om te gooien.
Vaak doen crossers dit over de finish-lijn als ze gewonnen hebben en dus meer om te showen dan om snelheid te maken. Dan zit het vaak tegen freestyle crossen aan. Tyler Bereman demonstreert ook dikke whips in deze vette video:
5 min
One Shot met Tyler Bereman
13
Whoops, waves en rollers
Je hebt natuurlijk verschillende soorten sprongen, maar minstens zo belangrijk zijn de hobbels en heuvels op een circuit waar je niet altijd over kan springen. Van klein naar groot heb je whoops, waves en rollers.
Whoops vormen een wasbordje, waarover je, als je snel genoeg bent, kunt ‘skimmen’. Dat houdt in dat je niet de hele hobbel af hoeft te rollen, maar steeds de bovenkant mee kan aantikken.
Waves zijn iets langer en kun je soms gebruiken om te springen. Zo kun je er af en toe ook eentje overslaan.
Rollers zijn nog groter, maar weer te groot om te springen. Daarom heten ze rollers: je moet ze als het waren afrollen.
Ze maken vaak deel uit van een zogenoemde ‘Rhythm section’ (of: ritmesectie) waarbij de crosser met het beste ‘ritmegevoel’ er het hardst overheen kan.
Check hier hoe tijdens Red Bull Straight Rhythm crossers zoeken naar het ultieme ritmegevoel:
Onderdeel van dit verhaal